De lente is gekomen! De lente is gekomen! ― riep de jonge Kraai luid terwijl zij door het bos vloog.
Heb jij haar gezien? Is zij mooi? ― vroeg de jonge Specht.
Nee, ik heb haar niet gezien. Ik hoorde alleen hoe de mussen in het stadspark in een plas baadden en vrolijk tjilpten.
Ik ben benieuwd, hoe ziet de LENTE eruit? ― zei de Ekster opgewonden. ― Wie heeft haar gezien?
Domme Ekster! Jij hebt haar gezien, en ik heb haar gezien, ― bromde tante Uil, terwijl zij uit de holte van de oude eik keek. ― En jullie allemaal zien haar nu ook al.
Waar is zij? ― vroegen de Specht en de Ekster tegelijk, zittend op een tak van de linde.
Daar is zij!
Waar? ― draaiden de vogels hun koppen rond.
Kijk! De sneeuwhoopen zijn grijs geworden, de sneeuw smelt en stroomt in beekjes over de bosopen. Op een lage heuvel komen groene grassprietjes en eerste bloemen ― sneeuwklokjes ― onder de sneeuw uit. De zon schijnt helderder en warmt de aarde op. De vorst is weg, er zijn geen sneeuwbuien en ijzige winden meer. Binnenkort zullen de vogels uit warme landen terugkeren naar onze bossen. De bomen zullen knoppen krijgen en kleine groene blaadjes zullen verschijnen. Dit alles is de lente! ― legde de oude tante Uil uit.
Zijn er bossen waar geen winter, sneeuw en vorst zijn? ― vroeg de jonge Specht.
Ja, die zijn er! Ver-ver in het zuiden, waar het altijd warm is en de zon schijnt, ― antwoordde de wijze Uil. ― Daar zijn veel vogels die bang zijn voor kou. In het zuiden overwinteren zij, en in het voorjaar keren zij naar huis terug. En zo gaat het elk jaar.
En willen zij graag heen en weer vliegen? Dat is zeker heel ver weg? ― vroeg een ander Kraai ― de vriendin van degene die het lentenieuws verspreidde ― aan de Uil.
Als zij niet wegvliegen, zullen zij bevriezen van de kou en honger. Binnenkort zullen de roeken, spreeuwen, leeuweriken en zwaluwen terugkeren. Nog even, en we zullen het ochtendlied van de Leeuwerik horen. Begrijpen jullie nu wat de Lente is? ― vroeg tante Uil.
Ja! ― riepen de vogels in koor.
De lente! De lente is gekomen! ― klonk het vrolijke vogelgezang door het bos.