Diep in het dichtste oerwoud, in het meest afgelegen oude bos woonden een grootmoeder en haar kleindochter Nastja. Nastja was een goed en hardwerkend meisje met een groot menselijk hart.
Op een winteravond zat grootmoeder bij de open haard sokken voor haar kleindochter te breien, terwijl Nastja haar een sprookje voorlas. Plotseling klopte iemand zachtjes op het raam. Het meisje keek naar buiten. In het donker herkende ze haar vriend, het konijntje Sneeuwkje. Wat was hij wit en pluizig! Het meisje sloeg een sjaal om haar schouders en ging naar buiten.
Hallo, Sneeuwkje. Wat kom je zo laat doen?
Vroeg Nastja.
Hallo!
Begon het konijntje zijn verhaal, terwijl het om zich heen keek en van angst beefde.
Wij konijnen hebben groot verdriet! We hebben allemaal onze vachten verwisseld voor witte wintervachten, maar er is geen sneeuw. Nu kunnen de vossen en wolven ons van ver zien. En hoe kunnen we de kerstboom versieren, hoe kunnen we Opa Vorst uitnodigen voor de rondedans? Kan er wel Nieuwjaar zijn zonder sneeuw? Heeft Winter haar plichten vergeten of is ze ziek?
Ratelde het bange konijntje vragen af.
Maak je niet ongerust, we verzinnen wel iets.
Stelde Nastja gerust.
Wat als we een brief aan Winter schrijven?
Ze gingen naar binnen en begonnen een brief te schrijven. Ze vroegen Winter om veel witte sneeuw, lichte sneeuwvlokken en strenge vorst, zodat alle dieren het Nieuwjaar blij konden vieren.
Maar hoe bezorgen we de brief? Wie weet waar Winter woont?
Maakte het witte bangerd zich zorgen.
We sturen het bericht met een musvogel, hij is snel en vlug, hij zal vast de weg vinden.
Besloot het meisje.
De musvogel stemde in om te helpen, nam de brief en vloog naar het Noorden.
Winter had inderdaad haar plichten vergeten. Met een kopje hete thee en verse, geurige broodjes zat ze televisie te kijken en haar favoriete tekenfilms te bekijken. Ondertussen verveelden de sneeuwvlokken zich in de voorraadkast. Ze wilden zo graag naar buiten, spelen met de sneeuwstorm! Ook de Vorst was verdrietig, december liep ten einde, maar hij had nog geen wangetjes van kinderen geknepen.
De musvogel was zo moe van de lange reis dat hij op een tak van een grote eik in slaap viel. De brief viel meteen uit zijn snavel. Hij landde recht in de hol van de Logge Beer.
O, ik ben bijna het Nieuwjaar vergeten! Dit is een cadeautje van Opa Vorst voor me.
Verheugde zich de beer en kroop uit zijn hol. Hij keek om zich heen en was verbaasd:
Maar waar is de sneeuw?
De beer besloot weer in winterslaap te gaan, maar hoorde zacht huilen.
Hij tilde zijn hoofd op en zag een klein musvogeltje.
Waarom huil je zo erg, kleine?
Vroeg de beer.
De musvogel vertelde de Logge Beer dat Nastja een brief aan Winter had geschreven. Over hoe ze de bosdiertjes wilde helpen een sneeuwachtig nieuwjaarsfeest te organiseren, met rondedansen en Opa Vorst.
Goed dan, ik zal de brief naar Winter brengen.
Zei de beer zonder lang na te denken.
De Logge Beer hield de brief stevig in zijn poot en liep Winter zoeken. Hij liep zo lang door het bos dat hij erg moe werd. Hij ging op een boomstronk zitten om uit te rusten. Plotseling blies de wind de brief uit zijn poot en voerde hem mee.
De beer was verdrietig en vroeg de hert om hulp:
Jij bent snel, ken je misschien waar Winter woont? Wil je de brief van alle dieren naar haar brengen?
De hert rende snel achter de brief aan, haalde hem in en begon aan zijn reis. Tegen de avond was hij bij het ijzige huisje.
Hij klopte met zijn hoef op de deur, wachtte tot hij binnen mocht komen en gaf Winter het bericht.
En toen gebeurde er iets wonderbaarlijks!
Winter opende de voorraadkastdeur en pluizige sneeuw met sneeuwvlokken bedekte alles eromheen, de vorst bevroor rivieren en meren, en tekende mooie patronen op de ramen van huizen.
Hoeveel moeite moest Winter doen! Ze kleedde de bomen in witte mantels, de struiken in sjaals, en bedekte ook de grond met sneeuw.
Nastja ging naar buiten en daar was het – echte winter, een echte wit-glinsterende sprookjeswereld!
Het meisje pakte een mandje met appels en snoepjes en ging haar arme vriend Sneeuwkje zoeken. Het was nu tijd om de bosschone kerstboom te versieren.
Op de open plek was het al druk aan het werk! De witte konijnen hoefden nu niet meer bang te zijn voor wolven of vossen.
Alle dieren in een rondedans verzameld, feliciteerden de gelukkige konijntjes elkaar met Nieuwjaar en wachtten op de komst van Opa Vorst!